Heeft u een vraag?
Stel hem hierDit is geen uitzondering.
Wat je deelt zonder het te beseffen
Bij een vennootschap onder firma ben je hoofdelijk aansprakelijk voor wat je compagnon doet. Niet voor de helft. Volledig. Als je compagnon een contract tekent dat financieel slecht uitpakt, kunnen schuldeisers zich verhalen op jouw privévermogen. Je spaargeld. Soms je woning. Dat geldt ook als jij het er nooit mee eens was. De wettelijke hoofdregel is dat elke vennoot de VOF kan binden. Wil je de bevoegdheid van een compagnon beperken, dan moet die beperking in het Handelsregister zijn ingeschreven, anders werkt ze niet tegenover derden en is de VOF extern gewoon gebonden. De VOF is geen rechtspersoon die de klap opvangt. Jij vangt hem op.
Dat klinkt zwaar, en dat is het ook. Toch voeren starters zelden deze gesprekken vooraf.
De gesprekken die niemand wil voeren
Samenwerkingen stranden zelden op de start. Ze stranden op verschil in inzet, op geld, op richting. Jij werkt zestig uur per week, je compagnon dertig, maar de winst wordt gelijk verdeeld. Of jullie zijn het oneens over de eerste stap, maar niet over de volgende: wil jij groeien en personeel aannemen, terwijl je compagnon juist kleinschalig wil blijven?
Dan zijn er de onderwerpen die bijna iedereen overslaat. Wat gebeurt er als één van jullie langdurig ziek wordt? Er bestaat geen loondoorbetalingsplicht tussen compagnons, maar het bedrijf draait gewoon door. Of juist niet. En wat als iemand overlijdt? Zonder afspraken is de wettelijke hoofdregel dat de VOF bij overlijden van een vennoot wordt ontbonden. De VOF moet dan worden vereffend: lopende contracten en verplichtingen worden afgewikkeld, en de achterblijvende vennoot moet het aandeel van de overledene uitkeren aan de erfgenamen. Voortzetting is alleen mogelijk als dat contractueel is geregeld, bijvoorbeeld via een voortzettingsbeding, verblijvingsbeding of toescheidingsbeding in de vennootschapsovereenkomst.
Niemand wil hier over nadenken als alles goed gaat. Dat is precies waarom het misgaat.
Vastleggen terwijl het nog goed gaat
Een samenwerkingsovereenkomst voelt overbodig op het moment dat je hem opstelt. Dat gevoel klopt. Hij is ook niet bedoeld voor nu. Hij is bedoeld voor het moment dat jullie het niet meer eens zijn, dat iemand wil stoppen, dat er te weinig geld is of juist te veel. Op dat moment is onderhandelen duur, traag en pijnlijk.
Leg vast wie welke beslissingen neemt. Wat er gebeurt als jullie het structureel oneens zijn. Hoe iemand kan uittreden, en tegen welke voorwaarden. Wat de afspraken zijn rondom ziekte. Hoe winst en verlies worden verdeeld, ook als de inzet ongelijk is.
Dit zijn geen juridische formaliteiten. Het zijn de gesprekken die bepalen of jullie over vijf jaar nog met elkaar praten.
Bovenstaand nieuwsbericht is gepubliceerd
op 07-07-2026. Dit bericht is met veel zorg en aandacht samengesteld.
Desondanks kunnen wij niet volledig instaan voor de correctheid, volledigheid of actualiteit van
de informatie.
Maak een afspraak met ons om de meest recente informatie te ontvangen.